DE LANGSTRAAT - Het is 19 april: de Landelijke Dag tegen Pesten. Een dag die elk jaar terugkeert om bewustwording te vergroten, want pesten is helaas nog steeds een dagelijkse realiteit. Niet alleen op het schoolplein, maar in elke levensfase. Wij doken in de cijfers en spraken met ervaringsdeskundigen uit de regio: hoe staat het er écht voor in de Langstraat?
Pesten is overal
"Het ontkennen van dit probleem is simpelweg jammer; pesten gebeurt overal", vertelt wezijnsbegeleider Angel de Nijs uit de ouderenzorg eerlijk. Cijfers van Stichting Stop Pesten Nu onderbouwen dit: twintig procent van de senioren in woonzorgcentra is slachtoffer van pesterijen, vaak 'relationele agressie' genoemd. Zorgmedewerkers zien het nog vaker: liefst veertig procent neemt pesterijen tussen bewoners waar.
Ook bij WSC Waalwijk ziet vertrouwenspersoon Mieke van Mosselveld het gebeuren: "In groepen met verschillende leeftijden, karakters en niveaus is pesten eigenlijk onvermijdelijk". Gemiddeld twintig procent van de sporters ervaart pestgedrag, wat zich steeds vaker verplaatst naar de groepsapp. Bijna twee derde van de gepeste sporters houdt hier emotionele schade aan over, waardoor vooral jongens tussen de dertien en achttien jaar vaker stoppen met sporten door een onveilig klimaat.
Op basisscholen De Hoef (Waalwijk) en De Blokkendoos (Loon op Zand) herkennen anti-pestcoördinatoren Sabionne Coenen en Mandy van de Sande ook dit beeld. Bijna één op de vijf leerlingen wordt gepest, wat neerkomt op vier kinderen per klas. Coenen: "Helaas wordt er hier echt wel eens gepest op school".
Mocht men meer willen weten over het signaleren van pesten of hoe je hiermee om kunt gaan, dan biedt de website van Stichting Stop Pesten Nu uitgebreide informatie en handvatten.
Van de groepsapp tot aan de eettafel
Pesten ziet er op elke leeftijd anders uit. Op de basisscholen verschuift de strijd vanaf groep zes vanaf het fysieke schoolplein naar de digitale wereld, waar online vernedering in vijf jaar tijd verdubbelde naar vijf procent. Van de Sande merkt op dat jongers vaker fysiek pesten, terwijl meiden zich vaker schuldig maken aan subtieler gedrag, zoals roddelen.
Bij WSC Waalwijk ziet Van Mosselveld dat het gaat van negeren op het veld tot nare opmerkingen over iemands uiterlijk. "De groepsapp wordt soms een digitale vuilnisbak waar mensen hun frustraties spuien, omdat ze elkaar niet in de ogen hoeven aan te kijken", legt ze uit. Zo'n drieëntwintig procent van de jongeren wordt minstens één keer per maand online buitengesloten in team-apps. Eén op de drie voelt sociale druk om mee te doen, uit angst om zelf slachtoffer te worden.
In de ouderenzorg is de eettafel het belangrijkste strijdtoneel. Hier gaat het om de bewuste keuze wie wel of niet mag aanschuiven. Nieuwe bewoners worden regelmatig hardhandig weggestuurd: "Jij kunt hier echt niet zitten, want hier zit Kees iedere dag", is bijvoorbeeld een veelgehoorde opmerking. Ook tijdens de gezamenlijke activiteiten, zoals de bingo, is de sociale veiligheid soms ver te zoeken. "We signaleren bewoners van de reguliere afdeling bij gelegenheid lachend reageren op de bewoners van de gesloten afdeling", zegt De Nijs. Vooral wie 'anders' is, zoals een slechthorende mevrouw, valt volledig buiten de groep. "De manier waarop oudere mensen dingen tegen elkaar zeggen, is soms echt heel naar", aldus De Nijs.
De pester en de rol van de ouders
De oorzaak van het pestgedrag is vaak ingewikkeld. Waar het bij jongeren vaak voortkomt uit prestatiedruk en onzekerheid, komt het in de ouderenzorg door eenzaamheid, dementie en verveling door een gebrek aan dagbesteding. Persoonlijk Sociaal Begeleider Amanda de Gouw wijst daarnaast op een specifiek lokaal fenomeen: "Ons huis heeft een gemoedelijk, dorps karakter met een 'ons kent ons'-mentaliteit. Het nadeel is dat oude 'vijanden' uit het dorp elkaar na decennia hier soms weer treffen op de afdeling. Nu er rust is, komt oud leef direct weer boven".
Een opvallende trend die alle ervaringsdeskundige benoemen, is de veranderende rol van de ouders, wat in de wandelgangen ook wel het 'pamperen' van de jeugd wordt genoemd. Van Mosselveld merkt dat kinderen tegenwoordig zo beschermd worden dat ze in de ogen van hun ouders niets meer fout kunnen doen; verontwaardigde ouders bellen direct om sancties van de club aan te vechten. Van de Sande ziet ook schaamte bij ouders, waardoor zij in de verdediging schieten of het gedrag afzwakken. Coenen voegt toe dat de vrije opvoeding van tegenwoordig soms botst met de schoolregels, wat het trekken van een duidelijke grens lastig maakt.
Gemeentelijke inzet in de regio
De gemeenten in de Langstraat proberen elk een veilige basis te leggen, al hebben zij geen wettelijke taak om pestincidenten centraal te registreren. Waalwijk hanteert een visie die rust op vier pijlers: weerbaarheid, ondersteuning, signalering en wijkgerichte aanpak. Dongen richt zich specifiek op de sportwereld door vertrouwenspersonen op te leiden en workshops aan te bieden over sociale veiligheid. Ook op scholen biedt de gemeente Marietje Kessels Trainingen aan, die de sociaal-emotionele weerbaarheid van basisschoolkinderen vergroten.
Heusden kiest voor een verbindende rol en een veilige leefomgeving, bijvoorbeeld met het initiatief 'Vreedzame Wijk' in Vliedberg. Loon op Zand aan de andere kant pakt het pesten bij de wortel aan via de Loonse Educatieve Agenda (2025-2029). De gemeente werkt nauw samen met scholen, de GGD en het jongerenwerk. Hierin werken ze vanuit de basis dat ieder kind en iedere jongere het verdient om goed op te groeien. Uniek is hun 'Gouden Formule': een burgerinitiatief van veertig organisaties met drie basisregels: je bent welkom zoals je bent, je helpt een ander en je past goed op je omgeving.
Naast de gemeentelijke plannen krijgen de inwoners een steuntje in de rug vanuit de hele regio via de RKC Foundation. Onder het motto 'Samen aan de slag' brengt de stichting het gezamenlijke RKC-gevoel rechtstreeks naar de mensen in de Langstraat. In speciale programma's staan zelfbewustzijn, zelfvertrouwen en zelfredzaamheid centraal, door zowel fysiek bezig te zijn als de mentale fitheid te stimuleren. Het doel is simpel: een sterke geest in een sterk lichaam.
Geen onschuldige kinderplaag
Eén ding is zeker: de impact van pesten mag nooit worden onderschat. De gevolgen, van angst en depressie tot een laag zelfbeeld, kunnen tot wel veertig jaar later merkbaar zijn. Coenen blijft realistisch: "Ik weet niet of je ooit genoeg doet. Er is geen eindverantwoordelijke die pesten stopt, dat is de pester zelf".







