Recreatie vs natuurbehoud: dilemma in de Loonse en Drunense duinen

DRUNEN/LOON OP ZAND - Brabanders trekken massaal de natuur in. Wandelen is populairder dan ooit. In bekende gebieden heeft dit een keerzijde: de druk op de natuur neemt toe. In de Loonse en Drunense Duinen wordt nu ruim een jaar de bezoekersstroom gemonitord. Langstraat Media zocht uit welke inzichten dit tot nu toe oplevert.

“Het is in elk geval leuk om te zien dat hier nog een reetje loopt.’’ Boswachter Irma de Potter wijst naar de pootafdruk van een jong ree in het zand. “De natuur laat zich zien als het rustig is, bijvoorbeeld ’s avonds’’, vertelt De Potter. Zij en haar collega Fleur Verdonk lopen net het gebied in vanaf de Roestelberg.

Die rust staat echter steeds vaker onder druk. Mountainbikeroutes, hondenlosloopgebieden en andere vormen van vrijetijdsbesteding trekken steeds meer bezoekers.  “Vooral op zondagen zorgt het echt voor opstoppingen’’, aldus De Potter. Om die bezoekersstromen beter te spreiden, wordt nu technologie ingezet.

Brabant Partners en Natuurmonumenten monitoren aan de hand van gps-signalen hoe druk het is. Via de nieuwe website en app Wandelstarter worden wandelaars actief gewezen op alternatieve startpunten en rustigere routes in en rondom het gebied. Ze hopen zo bezoekers te stimuleren om ook andere, rustigere routes te kiezen. Het project is onderdeel van het Europese MONA project omtrent duurzaam toerisme.

Groei in wandelaars

“In heel Brabant worden jaarlijks zo’n 70 miljoen wandeltochten van een uur of langer gemaakt. En in de Loonse en Drunense Duinen zijn in iets meer dan een jaar tijd 3,8 miljoen bezoeken geteld. Opvallend is dat 20 procent van die bezoeken plaatsvindt op zondag tussen 11.00 en 16.00 uur. 70 procent van de bezoekers blijft tot 1,5 uur in het gebied’, vertelt Fabio Tat, projectleider bij Brabant Partners, over de eerste resultaten van het onderzoek.

Volgens Tat is de belangstelling voor natuurbezoek al jaren stijgende, maar heeft de coronapandemie die ontwikkeling sterk versneld. Naar verwachting blijft deze recreatie alleen maar toenemen. “De buitenruimte wordt schaarser,” legt Tat uit. “Er wordt gebouwd, er is minder natuur en tegelijkertijd maken steeds meer mensen gebruik van dezelfde plekken.’’

Spreiden in plaats van afsluiten

Een groot deel van het recreëren  gebeurt vrij spontaan, ziet Tat. “Het klassieke voorbeeld is de zondagochtend: bij het ontbijt wordt besloten om even te gaan wandelen. Dan stappen mensen in de auto en rijden naar een bekend natuurgebied.’’

Met de wandelstarter app willen de organisaties alternatieven bieden. “Brabant heeft heel veel mooie wandelplekken die minder bekend zijn, maar waar je net zo goed terechtkunt. Door die plekken op de kaart te zetten, kun je bezoekers beter spreiden. Zo zorgen we ervoor dat iedereen ook in de toekomst van de Brabantse natuur kan blijven genieten’’, vertelt Tat.

Hondenlosloopgebied Loonse en Drunense Duinen

Gevolgen voor de natuur

De Loonse en Drunense Duinen is een Natura 2000-gebied en wordt door Natuurmonumenten beheerd als leefgebied voor planten en dieren. Het heeft uitzonderlijk hoge en zeldzame natuurwaarden. De Potter: “Recreanten zijn van harte welkom, maar dit blijft in de eerste plaats een leefgebied voor dieren en planten. Dat staat voor ons altijd voorop. Het gebruik door mensen moet in balans blijven met de natuur.’’

Het open heidegebied is een belangrijk broedgebied voor veel vogelsoorten. Dit zijn kwetsbare plekken. “In potentie zouden hier veel meer broedgevallen kunnen plaatsvinden. Dit jaar wordt dat onderzocht door Sovon, het onderzoeksinstituut voor vogels. Zij kijken naar het huidige aantal broedgevallen en naar wat mogelijk zou zijn als de omstandigheden optimaal zijn.’’

Ook het hondengebied is een hotspot. Er komen rasverenigingen en groepen mensen met meerdere honden tegelijk naar dit stuk. "Het hondenlosloopgebied loopt wel echt uit de hand. Er is weinig toezicht op de loslopende honden. Een tijdje terug was er een reekalfje doodgebeten door een hond en dan zeggen mensen ‘ja hij lag in het hondenlosloop gebied’, alsof een ree dat expres doet. Nu mogen er nog drie honden per begeleider mee’’, legt Potter uit.

De loslopende honden zijn vanaf het speciale rengebied snel in de heide en het  stuifzandgebied. Dat stuifzandgebied is ecologisch het meest waardevolle deel van het gebied, legt De Potter uit. “Slechts drie procent van de bezoekers komt daar, maar drie procent van 3,8 miljoen mensen is nog steeds een groot aantal (114.000 mensen). Dat heeft merkbare invloed op de natuur.

Het gaat volgens Tat en De Potter dus vooral over balans. De komende tijd wordt de Wandelstarter app verder uitgebreid.