Vragen ChristenUnie over IJsparadijs zorgen voor ophef: ‘Geneuzel!’

WAALWIJK – Het Waalwijk IJsparadijs is net voorbij, maar nog steeds is de ijsbaan het onderwerp van gesprek. De ChristenUnie stelde aan het college een paar kritische vragen over het beleid rondom de ijsbaan. Het nieuws weekte veel kritiek los bij inwoners en ook andere partijen vinden het onnodig.

Begin januari stuurde ChristenUnie lijsttrekker Jan van Groos schriftelijke vragen over het IJsparadijs. Hoewel de partij het evenement prijst voor de opgewekte saamhorigheid, zetten zij toch kanttekeningen bij de rol van de ijsbaan in het evenementenbeleid van de gemeente. De ijsbaan werd gevestigd op het Raadhuisplein, waardoor de tent de ingang van het Schoenenkwartier blokkeerde. De ChristenUnie vraagt waarom de locaties Taxandriaweg of het Unnaplein geen opties waren. Verder vraagt de partij zich af of het evenement wel voldeed aan de duurzaamheidseis en of de ijsbaan wel toegankelijk genoeg was voor iedereen.

Wat een geneuzel

Het nieuws over de schriftelijke vragen van de ChristenUnie schoot bij veel inwoners in het verkeerde keelgat. Op eerdere berichtgeving van Langstraat Media op Facebook kwamen veel boze reacties, omdat de kritiek in hun ogen totaal niet nodig is. “Wat een gezemel. De ChristenUnie moet zich daar niet mee bemoeien. Laat de mensen genieten’’, reageert iemand. “Is het een keer iets geslaagd krijgen we dit weer’’, schrijft een ander. “Kunnen we ons alsjeblieft richten op wat écht belangrijk is? Wat een geneuzel”, schrijft iemand.

Andere partijen in Waalwijk laten ook van zich horen. Lokaal Belang benadrukt in een opiniestuk dat dat zij evenementen in het centrum erg belangrijk vinden. "Gezinnen, jongeren en bezoekers maakten het centrum weer als vanzelfsprekend tot een ontmoetingsplek. Zoiets moet je dan ook niet verstoppen op een parkeerterrein, maar plaats je zichtbaar in het stadshart waar ondernemers, inwoners en bezoekers het centrum met elkaar tot leven brengen. Natuurlijk horen vragen over duurzaamheid, toegankelijkheid en subsidie bij een goed bestuur. Maar laten we waken voor het effect van achteraf dichtregelen. Verbeteren doe je samen, vooraf en met vertrouwen. Dat is doen voor wat in de praktijk waarde toevoegt'', schrijft de partij in het opiniestuk.

Afspraken nagekomen

Zowel de organisatie van het Waalwijk IJsparadijs als Het Schoenenkwartier zijn op de hoogte van de schriftelijke vragen van de ChristenUnie. Kees van Heesbeen, voorzitter van het Waalwijk IJsparadijs, wil inhoudelijk niet op de zaak reageren. Van Heesbeen geeft wel aan dat de evaluatie die de organisatie voerde, samen met onder andere de brandweer en de marktmeester, positief is verlopen. “De instanties reageerden positief en we constateerde dat het een geslaagd evenement was. De ijsbaan zal in 2026 ook terugkeren op het Raadhuisplein. We hebben ook overleg gehad met het Schoenenkwartier en hebben een gezamenlijk kaartje geïntroduceerd, waardoor schaatsers ook gratis naar het schoenenmuseum konden. Daar is naar mijn weten goed gebruik van gemaakt.’’ Het Schoenenkwartier wil niet op de zaak reageren.

Reactie Jan van Groos

Lijsttrekker Jan van Groos vindt het jammer dat de schriftelijke vragen zo negatief worden geframed, omdat de partij complimenteus is aan de organisatoren en de vele vrijwilligers. “Onze conclusie was en is dat het om een zeer geslaagd evenement gaat waar de gemeenschapszin vanaf straalde en voor herhaling vatbaar is. Onze kritische vragen zijn gericht aan het college en niet aan de organisatoren. De gemeenteraad heeft namelijk afspraken met het college over duurzaamheid bij evenementen en inclusiviteit. Ook is in de politiek in ieder geval door ons aandacht gevraagd voor het 'verstoppen' van de hoofdingang van het Schoenenkwartier. Vandaar de vraag over de locatie van het IJsparadijs. Dat mensen die erg blij zijn geweest met het evenement, geen kwaad woord daarover willen horen, snap ik. Maar dit doet niets af van mijn recht om aan het college te vragen hoe het is omgegaan met de gemaakte afspraken.  Ik ben blij als het IJsparadijs volgend jaar weer  terugkeert. Of ik blij zal zijn dat dit dan weer op het Raadshuisplein is, is afhankelijk van het antwoord op mijn vragen aan het college over de locatie’’, schrijft de lijsttrekker.